De Somme (vierde dag)


We hebben zo’n twee uur te rijden voordat we de omgeving van Albert in Frankrijk bereiken. Het gebied van de slag ten oosten van deze stad en ten Noorden van de rivier de Somme is het toneel van de slag aan de Somme. Op 1 juli 1916 om kwart over zeven in de ochtend stappen bijna honderdvijftigduizend Britse militairen, vijftien divisies, uit de loopgraven. Er is een beschieting van vele dagen op de Duitse linies aan voorafgegaan. Volgens de plannen zou het veroveren ervan niet moeilijk moeten zijn. Helaas, aan het einde van die dag zijn er vijftigduizend slachtoffers, de zwartste dag uit de Britse geschiedenis. Alleen in het zuiden is een kleine voortgang geboekt. De gevechten duren tot aan november en dan zijn er een miljoen doden gevallen.

De vierde dag: Het verhaal van de vrienden

battle-tour-day-4-052De Pals

Een van de meest bizarre aspecten van deze veldslag vormen de Pals bataljons. Het Britse leger was als enige gebouwd op beroepsmilitairen en reservisten. In 1916 waren er meer militairen nodig en men had vrijwilligers opgeroepen. Ruim vijfhonderdduizend kwamen op, men was er trots op. Bijna niemand weigerde, vooral omdat men bij elkaar mocht dienen in een bataljon. Als vrienden onder elkaar, de zogenaamde “Pals”. Acht van de vijftien divisies van het eerste uur zijn gevormd uit de Pals.

De eerste stop die we maken is bij het monument van de 36ste Ulster Divisie. Deze bestaat ook uit Pals, allemaal uit Noord Ierland. Ze zijn enthousiaste aanhangers van de Britse Rijk en bestaan uit de militie die zich eerst bezig hield met het conflict in Ierland. Vanaf deze plek kun je het slachtveld in oostelijk richting zien. Het miezert en het zicht is niet goed. Normaal kun je vanaf hier in de heuvels de begraafplaatsen zien liggen liggen. De witte stenen markeren de plaatsen waar de mannen sneuvelden.

Als we weg rijden komt er een bus met toeristen. Ze komen uit Noord Ierland, je hoort dat duidelijk en ze dragen oranje sjaals en symbolen. Ik vertel Wim het verhaal van de slag om de Boyne van nog veel langer geleden. Nederland heeft daar iets mee te maken. De geschiedenis kent vele vreemde verbindingen.

Thiepval

De vermisten van de Somme

Als een kathedraal

Vlakbij is het grote monument van Thiepval. Hier zijn opnieuw meer dan zeventigduizend namen van gesneuvelden in de slag om de Somme op de muren geschreven, allemaal nooit terug gevonden. Het miezert nog steeds, maar opnieuw wordt ik getroffen door de schoonheid van het monument. Het is gebouwd als een kathedraal, vanaf het gras dat de grote beuk vormt loop je richting de “Stone of Rememberance”. Hij staat op de plaats van het altaar. Als je naar boven loopt zie erachter het “Cross of Sacrifice” met links en rechts de stenen en kruizen. Op de heilige plaats van een kathedraal liggen links driehonderd Fransen en rechts driehonderd Britten. Bijna allemaal onbekend soldaten.

Het blijft me verbazen. Zo’n ernstige en droevige plaats gebouwd met zulke enorme schoonheid. Als de zon zou schijnen op de vallei erachter zou het nog mooier zijn. In die vallei zijn ze gevallen.Ook hier is het weer druk en we ontdekken een bus met jonge Deense jongens. Het zijn vast ook militairen.

Het kleine monument van de Somme

Bij de Mametz in de Somme vallei

“The Devonshire held this trench, the Devonshire hold it still”

Voor we verder rijden naar de camping nabij Reims stoppen vlak bij Mametz. Ik had die naam ooit gehoord bij een voorstelling van Diederik van Vleuten. Hij verteld over dit kleine plekje. Net ten zuiden van Mametz liggen honderdvijftig mannen uir Devonshire. Ze zijn begraven in de loopgraaf waar ze die eerste Juli uit vertrokken.

Voor het hekje een eenvoudige steen met daarop de woorden; “‘The Devonshires held this trench, the Devonshires hold it still” Bij de graven liggen de poppykransen en kleine kruisen. Ik vertel dat elk jaar op 1 juli middelbare scholen uit Dovenshire hier langskomen.

Tegenover de begraafplaats op nog geen vijftig meter een hoop aarde met struiken. Restanten van de Duitse loopgraaf. Honderdvijftig meter naar rechts opnieuw zo’n kleine begraafplaats, nu met Schotse jongens. Ertussen rijden de auto’s en tractoren. Het leven is verder gegaan.

Op weg naar Mametz kwamen we nog langs een klein monumentje. Opgericht voor een van de ontvangers van de hoogste dapperheids onderscheiding, het Victoria Cross. Er worden er 628 van uitgereikt in de Grote Oorlog.

We rijden verder richting Verdun om halverwege bij Reims te stoppen voor de nacht.

<- terug                                                                           naar Verdun ->