Verlies van organen voorkomen


Afgelopen week mocht ik mijn verhaal vertellen aan de mensen van Eurotransplant. Voor hen werd ik die middag even het gezicht achter de dossiers. Ruim anderhalf jaar geleden moet, op een dinsdagmiddag, mijn dossier bij hen voorbij gekomen zijn. Nu stond ik voor hen en kon ik vertellen over hoe mijn leven door de transplantatie niet een punt kreeg maar een komma. Uit hun reacties begreep ik dat ze mijn verhaal waardeerden en zij konden voelen wat het voor ons heeft betekend

lezing bij EurotransplantDaarna kwam een, voor mij en mijn vrouw Carla, unieke gelegenheid. Wij mochten even op hun werkplek, het zenuwcentrum van Eurotransplant, kijken. Uiteraard pas nadat we een verklaring hadden getekend om eventuele persoonlijke informatie niet te delen. Gelukkig hebben we daar ook weinig van gezien. Wat we wel konden zien was ruim voldoende om indruk op ons te maken.

Hier worden organen toegewezen

Dus laat ik u meenemen over de drempel van een kamer in een saai grijs gebouw met uitzicht over een woonwijk zoals er zoveel in Nederland zijn. In die kamer staan zes bureaus, elk met twee grote beeldschermen. De avondploeg is er aan het werk, de wisseling van de wacht is net geweest. Het is een vierentwintiguurs dienst. Leven en dood kennen geen vaste werktijden.

Het ziet er netjes en geordend uit. Het is direct duidelijk; hier wil niemand een fout maken. Op dit moment zijn er behalve wij met onze gids nog vijf mensen in de kamer. De medewerkers bij de desk voor hoge urgentie hebben het druk. Er liggen vijf zaken te wachten op een beslissing. Complete dossiers van deze mensen, die op het randje van de dood leven, komen hier binnen. Ze worden eerst geanonimiseerd en daarna doorgestuurd. Elk dossier steeds naar drie artsen van de wacht ergens in Europa. Minimaal twee van die artsen moeten positief adviseren voordat er een urgente status in het systeem wordt gegeven.

Dossiers van levensbelang

In de duizenden elektronische dossiers wordt elke statusverandering nauwkeurig bijgehouden. Mijn oog valt op een nummer bovenaan de formulieren. Ik vraag of die nummers optellen vanaf het begin van het opzetten van de organisatie. Dat klopt en dus zie ik nu dossiers voor donoren met nummers in de honderdzestigduizend en patiënten met nummers in de vierhonderdvijftigduizend. Mijn rationele hoofd begint te rekenen op zoek naar gemiddeldes en verhoudingen.

Naast die hoofdarbeid voel ik nieuwsgierigheid voor mijn nummer en die van mijn donor. Ik vraag er niet naar want ik weet dat ik die niet zou krijgen. Hoeft ook niet en toch die onbewuste vraag. Ik ben gefascineerd, als marineman voelt dit als mijn oude gevechtscentrale. Ik merk de ontspannen focus, ik voel de werkzame rust en herken de ervaring van de mensen als pennen korte aantekeningen maken op papier. Kleuren verschijnen op schermen. Ik hoor een ping vanaf het scherm aan de wand. Er komt weer een statusverandering binnen.

Wachten op een match

Geen organen verliezenEr is een allocatie van organen gaande. Niet in Nederland maar elders in Europa, het is een man. Op de papieren en schermen staan aantekeningen en omcirkelde cijfers die de voortgang aangeven. Linksboven in de hoek staat een tijd. Dat is het moment waarop het uitnemen van de organen gaat beginnen. De donor is overleden; zijn hersenen zijn volledig en onherstelbaar beschadigd. Alle tests zijn geweest en er was geen hoop meer. Anders was hij niet hier aangemeld.

Zijn lichaam wordt gekoesterd want hij draagt een kostbare gift. Apparaten houden zijn organen transplanteerbaar en op het scherm komt informatie over de toestand van het lichaam binnen. Hier in deze kleine ruimte wordt gebeld, gecontroleerd en nog een keer gecontroleerd. De taal hangt af van het land waarmee gebeld wordt, ik hoor Duits. Alles om de beste match te vinden in de tijd die beschikbaar is. Het is een race tegen de klok.

En dan komt het dichtbij

Een race die moet zorgen dat zijn kostbare gift niet verloren gaat. Om, zoals de gids het zo mooi zegt; “dreigend orgaanverlies te voorkomen”. De ingewikkelde algoritmes van het matching programma voeren onzichtbaar de noodzakelijke berekeningen uit om ontvangers voor de organen te vinden. Ik kijk naar het scherm als onze gids met Carla praat en vol passie de complexe procedures uitlegt. Ik merk dat mijn gedachten terug gaan dwalen naar de dag van mijn transplantatie.

Als ik mijn ogen even dicht doe kan ik mijn naam zien verschijnen op zo’n scherm. Een hand reikt naar een telefoon en toetst een nummer. Aan de andere kant, in het Erasmus MC in Rotterdam, gaat de telefoon over. Een keer, twee keer, dan wordt hij opgenomen. Er is overleg… en een besluit; “wij accepteren het hart”. De arts staat op en gaat hij op weg naar de intensive care. Ik zie hem door de gang lopen. Ik voel opnieuw de gevoelens van die dag opkomen. Een gang door, dan een deur en nog een stukje gang. Dan stapt hij naar binnen, loopt naar mijn bed, kijkt mij en Carla aan en zegt; “Het is zover..,..”

Meer weten:

Wilt u ook mijn verhaal over transplantatie horen?

Kijk dan op de lezingenpagina en neem contact op